Door Diane Kamphuis – GGZ-agoog & ketogeen metabool therapeut
Bloedsuiker en energiedips: wat gebeurt er in je lichaam?
Je hebt net gegeten en toch voel je je niet echt energiek. Misschien word je wat slaperig, merk je dat je concentratie afneemt of krijg je een paar uur later alweer trek. En als er iets zoets in de buurt is, lijkt dat ineens extra aantrekkelijk.
Herkenbaar?
Veel mensen vragen zich af waar die energiedips vandaan komen. Ligt het aan wat je eet? Heeft het met je bloedsuiker te maken? Of speelt er iets anders mee?
Om daar meer inzicht in te krijgen, helpt het om te begrijpen wat er in je lichaam gebeurt wanneer je eet.
🌿 Je bloedsuiker verandert gedurende de dag. Dat is normaal. De kunst is om te begrijpen wat er bij jou speelt, zonder iedere energiedip meteen aan je bloedsuiker toe te schrijven.
Wat is je bloedsuiker eigenlijk?
Je bloedsuiker is de hoeveelheid glucose in je bloed. Glucose is een belangrijke brandstof voor je lichaam en je hersenen.
Wanneer je koolhydraten eet, zoals brood, fruit, aardappelen of pasta, worden die tijdens de spijsvertering grotendeels afgebroken tot kleinere suikers. Glucose komt vervolgens in je bloed terecht.
Je bloedsuikerspiegel stijgt daardoor. Je lichaam maakt insuline aan: een hormoon dat helpt om glucose vanuit je bloed beschikbaar te maken voor je lichaamscellen.
Zo kan je lichaam de energie uit je voeding benutten.
Na een maaltijd verandert je bloedsuiker dus. Hoe sterk die verandering is en hoe snel je bloedsuiker weer daalt, hangt onder andere af van wat en hoeveel je eet, de samenstelling van je maaltijd en hoe je lichaam daarop reageert.
Dat je bloedsuiker stijgt na het eten, is op zichzelf dus helemaal niet verkeerd. Het hoort bij een normaal lichamelijk proces.
Waarom krijg je soms een energiedip na het eten?
Misschien herken je het wel: je luncht en merkt daarna dat je het liefst even op de bank zou gaan liggen. Je voelt je slaperig of hebt moeite om je aandacht erbij te houden.
Dat kan verschillende oorzaken hebben.
De samenstelling en grootte van je maaltijd kunnen meespelen. Ook je slaap, het tijdstip van de dag, je activiteit en hoe je je lichamelijk voelt, kunnen invloed hebben op je energieniveau.
Bij sommige mensen kunnen schommelingen in de bloedsuiker een rol spelen. Maar een dip na het eten betekent niet automatisch dat je bloedsuiker te hoog is geweest of daarna te ver is gedaald.
Je gevoel vertelt je dat er iets verandert, maar niet vanzelf waardoor dat komt.
Daarom is het zinvol om niet alleen naar je maaltijd te kijken, maar ook naar de rest van je dag.
Heb je goed geslapen? Heb je rustig kunnen eten? Was je al moe voordat je aan tafel ging? En gebeurt dit na iedere maaltijd of vooral na bepaalde maaltijden?
Door dat soort vragen te stellen, kun je stap voor stap meer inzicht krijgen.
Waarom heb je steeds trek in zoet?
Je kent het misschien: je hebt gegeten, maar toch verlang je alweer naar iets lekkers. Of je merkt dat je in de middag steeds opnieuw behoefte hebt aan chocolade, koekjes of iets anders zoets.
Dat kan samenhangen met verschillende dingen.
Misschien heb je onvoldoende gegeten of bevatte je maaltijd weinig voedingsstoffen die bijdragen aan een verzadigd gevoel. Ook gewoontes, stress, emoties, slaaptekort en de behoefte aan een pauze kunnen invloed hebben op je eetlust en trek.
Soms kunnen schommelingen in de bloedsuiker meespelen. Maar trek in zoet is op zichzelf geen bewijs dat je bloedsuiker te laag is.
Het kan helpen om eens nieuwsgierig te kijken naar het moment waarop die trek ontstaat.
-
Heb je lichamelijk honger?
-
Hoe lang geleden heb je gegeten?
-
Wat heb je tijdens je vorige maaltijd gegeten?
-
Ben je moe, gespannen of toe aan een rustmoment?
-
Is iets zoets een gewoonte geworden op een bepaald moment van de dag?
Je hoeft jezelf niets te verbieden. Het gaat erom dat je beter leert herkennen wat er bij jou gebeurt.
Wat heeft de samenstelling van je maaltijd ermee te maken?
Niet alleen de hoeveelheid koolhydraten telt. Ook de combinatie van voedingsstoffen speelt een rol.
Een maaltijd met bijvoorbeeld groenten, een eiwitbron, gezonde vetten en vezelrijke koolhydraten kan anders uitwerken dan een maaltijd die vooral bestaat uit snel verteerbare koolhydraten.
Eiwitten, vetten en vezels kunnen onder andere invloed hebben op hoe snel je maaltijd wordt verteerd en hoe lang je je verzadigd voelt.
Denk bijvoorbeeld aan het verschil tussen alleen een witte boterham met zoet beleg en een maaltijd waarin je brood combineert met ei, hüttenkäse of een andere eiwitbron, aangevuld met groenten.
Dat betekent niet dat één soort maaltijd voor iedereen het beste is. Je persoonlijke behoeften, gezondheid en dagelijkse omstandigheden spelen ook mee.
Het is vooral interessant om te ontdekken welke maaltijden jou helpen om je prettig en voldoende verzadigd te voelen.
Wat kun je zelf onderzoeken?
Je hoeft niet direct je hele voedingspatroon te veranderen. Begin eens met observeren.
Kijk gedurende een paar dagen naar je maaltijden en je energieniveau. Je kunt bijvoorbeeld kort noteren:
-
Wat je hebt gegeten en gedronken.
-
Hoe je je voelde vóór en na het eten.
-
Wanneer je trek kreeg of een energiedip merkte.
-
Hoe je de nacht ervoor hebt geslapen.
-
Hoe druk of ontspannen je dag was.
Zoek niet meteen naar één schuldige. Kijk liever of je bepaalde patronen herkent.
Misschien merk je dat je na een haastige lunch vaker moe bent. Of dat je op dagen met weinig slaap meer trek hebt. Het kan ook zijn dat je geen duidelijk verband ontdekt. Ook dat is waardevolle informatie.
Je hoeft niet alles zelf uit te zoeken. Heb je regelmatig klachten die je aan je bloedsuiker koppelt, bespreek die dan met je huisarts. Zeker wanneer je ook last hebt van trillen, zweten, duizeligheid of hartkloppingen. Alleen op basis van je klachten kun je niet met zekerheid vaststellen wat je bloedsuiker doet.
En hoe zit het met insulineresistentie?
Insuline helpt glucose vanuit je bloed beschikbaar te maken voor je lichaamscellen. Bij insulineresistentie reageren cellen minder goed op insuline. Je lichaam kan dan meer insuline nodig hebben om de bloedsuiker te reguleren.
Insulineresistentie kan samenhangen met het ontstaan van diabetes type 2, maar je kunt niet aan een energiedip of trek in zoet alleen afleiden of je insulineresistentie hebt.
Daarvoor is medische beoordeling nodig.
In een volgend artikel ga ik dieper in op insulineresistentie: wat het betekent, welke factoren een rol kunnen spelen en hoe je kunt ontdekken of het verstandig is om dit met je huisarts te bespreken.
Van begrijpen naar nieuwe keuzes
Je bloedsuiker is één onderdeel van het grotere geheel. Je voeding, slaap, beweging, stress en dagelijkse gewoontes kunnen allemaal invloed hebben op hoe je je voelt.
Daarom begint verandering niet altijd met minder eten, koolhydraten schrappen of jezelf strengere regels opleggen.
Het kan juist beginnen met begrijpen wat er gebeurt en onderzoeken welke kleine aanpassing bij jou past.
Binnen de Vitastisch Lijf & Brein Methode kijk je niet alleen naar een klacht, maar ook naar de samenhang tussen je lichaam, je brein en je dagelijkse leven.
Want hoe beter je begrijpt wat er bij jou speelt, hoe gemakkelijker je gerichte keuzes kunt maken.
🌿 Herstel ontstaat onderweg. Stap voor stap leer je ontdekken wat jouw lichaam nodig heeft.
Een vraag om mee te nemen
Merk jij vooral na het eten een energiedip, of krijg je op bepaalde momenten van de dag steeds opnieuw trek in zoet? Wat valt je op wanneer je daar eens bewust bij stilstaat?